Chinezen en bijnamen

1

Het zoontje van vrienden van ons heeft een mooie Italiaanse en een mooie Chinese naam, maar wordt door zijn familie steevast húlu genoemd; kalebas. Het ventje heeft nogal wat babyvet, waardoor hij op een kalebas zou lijken.

Zhang Yang’s ouders hebben zijn naam gekozen door het woordenboek op een willekeurige pagina open te slaan en daar het karakter dat hen het meeste aansprak uit te kiezen. Toch heb ik zijn moeder hem nooit Yang horen noemen, ze spreekt hem altijd aan met érzi; zoon. Lees verder

Een goede Chinese naam

2

251-een-goede-chinese-naam

In China is het geven van een goede naam ingewikkelder dan in Nederland. Je houdt niet alleen rekening met wat mooi klinkt en de betekenis van de karakters, als je het goed wilt doen als Chinese ouders houd je rekening met de Chinese astrologie. Daarbij is van belang wanneer het kind en de ouders geboren zijn.

Naast de tekens van de dierenriem (die hier eerder aan bod gekomen zijn (1), (2)), is het in de Chinese astrologie van belang onder welk element je geboren bent. Lees verder

‘Hallo, ik heet C’

(79) Hallo ik heet C

Dat de vertaling van Chinese namen naar een Engelse variant die goed te onthouden en uitspreekbaar is voor westerlingen grappige resultaten op kan leveren, heb je hier al eens eerder kunnen lezen. Ik zie echter een specifieke – en in westerse ogen vrij absurde – trend in het bedenken van ‘westerse’ namen door Chinezen, die ik jullie niet wil onthouden. Lees verder

Ik ben een lǎowài

4

(75) Ik ben een laowai

Het officiële Chinese woord voor buitenlander is wàiguórén, wat letterlijk ‘persoon uit het buitenland’ betekent. In de volksmond worden buitenlanders echter vrijwel altijd lǎowài genoemd. Lǎowài betekent letterlijk zoiets als ‘ouwe van buiten’ en hoewel dat in Westerse oren vrij respectloos klinkt, is het in China een normale manier van aanspreken. Het zou zelfs als geuzennaam kunnen worden gezien. Lǎo betekent namelijk ‘oud’, ouderen worden in China gerespecteerd en iemand met ‘lǎo’ voor de naam aanspreken geeft aanzien. Lees verder

Shū​shu, Gū​gu, Shī​fu​ of Āyí?

2

De schoonmaakster in kantoor spreken we aan met Āyí. De kaartjesverkoopster in de bus noem ik Āyí. Onze huisbaas noemen we Āyí. De vrouw die ik op straat de weg vraag spreek ik aan met Āyí, zo ook de buurvrouw. Zhang Yangs moeder noem ik Āyí. En al haar vriendinnen ook. Lees verder