6 Chinese gewoonten die ik heb overgenomen

1

Wanneer je lang in China woont, is het onvermijdelijk dat je jezelf een aantal Chinese gewoonten eigen maakt. Aan onderstaande zaken ben ik in China zo gewend geraakt, dat ik ze ook in Nederland nog toepas.

6) Rijst wassen

Niet alleen Chinezen, alle Aziaten wassen hun rijst voordat ze deze koken. Door de rijst te wassen spoel je niet alleen eventueel vuil weg, maar ook zetmeel, wat een puurdere, mooiere gekookte rijst oplevert. Probeer het eens, en je zult zien dat het water de eerste paar keer dat je de rijst spoelt wit is, en dat het met iedere spoelbeurt helderder wordt.

Omdat rijst wassen in het westen niet gebruikelijk is ben je als Nederlander niet snel geneigd om ermee te beginnen: het is immers een extra stap in het kookproces, en je voegt een extra zeef of kom toe aan de stapel afwas. Maar ik raad je aan om het te proberen. Als je er eenmaal mee begonnen bent, lijkt rijst níet wassen voor het koken net zoals aardappels of groenten niet wassen voordat je ze bereidt.

5) Ikke eerst in het verkeer

Eerder schreef ik dat het verkeer in China in westerse ogen een chaotische toestand kan lijken. In steden waar meer dan een miljoen mensen wonen is het altijd druk. Het spitsuur herken je in een Chinese stad niet zozeer aan een toename van het aantal mensen op de weg op bepaalde tijden, maar aan een lichte afname van het aantal mensen tussen die drukkere perioden in. Dat leidt tot chaos op de weg, want in die drukte geldt het recht van de snelste of sterkste.

Auto’s kunnen in China op het allerlaatste moment nog remmen, daar zijn ze op ingesteld. Mensen worden niet boos als je ze maar op een haar na ontwijkt, want dat zijn ze gewend. Het nadeel daarvan is dat mensen ook van andere weggebruikers verwachten dat ze niet geïrriteerd raken als ze bijna omver gereden worden.

En daar wen je aan, na tien jaar weggebruik in China. Dus toen ik weer op mijn fiets stapte in Nederland, was dat een beetje een reverse culture shock. Hand uitsteken als je af wilt slaan, rechts heeft voorrang, dat soort dingen. Na bijna een jaar zit dat er alweer goed in, maar wennen was het wel.

4) Scrubben met een scrubhandschoen

De meeste Chinezen die in je jaren ’80 en ’90 opgegroeid zijn, hadden thuis geen beschikking over een eigen badkamer. Zij konden zich alleen douchen in badhuizen, en omdat er toen vaak geen geld was om iedere dag of om de dag te douchen, bezocht men in de regel als gezin het badhuis eens per week. Daarbij was het zaak om jezelf goed schoon te maken, want eens per week douchen is niet vaak. Er werd daarom vaak een scrubhandschoen gebruikt, om dode huidcellen grondig te verwijderen. Dat was zowel belangrijk in de hete zomers, waarin je veel zweet, als in de koude winters, waarin je vaak continue een dik pak kleren droeg, ook ’s nachts.

En ook hier geldt: als je eenmaal gewend bent om jezelf regelmatig van die dode huidcellen te ontdoen,  voelt niet scrubben al snel als je haar niet wassen of je tanden niet poetsen.

3) Het jaar begint na Chinees Nieuwjaar

Chinees Nieuwjaar begint tussen 21 januari en 21 februari. De naam van Chinees Nieuwjaar (Chūnjié) betekent letterlijk Lentefeest, en zodra het nieuwe jaar in China begint zegt men: de lente zal nu snel beginnen. En inderdaad, ieder jaar weer niet lang na Nieuwjaar is de allerergste kou uit de lucht en voel je dat de lente snel zal beginnen. Dat heb je niet na het westerse Nieuwjaar, want begin januari is het nog volop winter.

Is het nieuwe maanjaar daarom een betere graadmeter voor nieuw (want lente) dan onze zonnekalender? Ik merk dat ik inmiddels zo gewend ben aan dat alles opnieuw begint na Chinees Nieuwjaar, dat ik dat ook in Nederland nog als graadmeter neem. En dat zorgt voor vreemde blikken van mensen tegen wie ik zeg: “Laten we dat nog voor Chinees Nieuwjaar afronden!”.

2) Massages

In China vind je op iedere straathoek een massagesalon. Een standaard Chinese massage kan erg eenvoudig zijn; het is niet ongebruikelijk om de massage te krijgen in een ruimte waar meer mensen tegelijk gemasseerd worden. Je wordt meestal gemasseerd over je kleren heen of krijgt een soort pyjama aan, voor een voetmassage zijn broekspijpen zo opgestroopt. Natuurlijk zijn er ook uitgebreidere massages waarbij je wel een eigen kamer hebt, en oliemassages waarvoor je wel (deels) uit de kleren moet. Maar omdat massages zo toegankelijk, overal beschikbaar en niet duur zijn, is het makkelijk om er regelmatig één te nemen als je in China bent.

En daar ben ik aan gewend geraakt. Als je langere tijd regelmatig massages neemt, ga je je spieren voelen wanneer je daar ineens mee stopt. Gelukkig heb ik in onze nieuwe woonplaats inmiddels een Chinese massagesalon gevonden. Eén die geen ‘happy endings’ biedt (voor zover ik dat kan overzien) maar zich richt op het geven van goede massages. En betaalbaar, dat ook.

1) Mijn Chinese naam

In het eerste jaar van mijn studie Chinees kreeg ik van een Chinese gastdocent een Chinese naam. Het equivalent van Judith in het Chinees: Zhū​dí​. Toen ik die naam kreeg sprak ik nog vrijwel geen Chinees, en had geen verstand van het kiezen van een goede Chinese naam. Als ik nu opnieuw zou mogen kiezen, zou ik waarschijnlijk niet voor Zhū​dí​ gaan. Hoewel deze naam goed herkenbaar is als vertaling van een westerse naam, kan de uitspraak teveel op andere woorden lijken. Zo is mijn Chinese naam wel eens aangehoord voor zhù​lǐ​, assistent en – erger – zhū​tí​, varkenspootjes.

Maar toch zou ik mijn naam nooit meer veranderen. Ik heet in China en voor Chinezen inmiddels al vijftien jaar Zhū​dí​, inclusief voor mijn eigen man. En als je eenmaal aan een naam gewend bent dan is dat jouw naam, en verander je die niet meer.

De raarste Engelse namen die ik in China ben tegengekomen op een rijtje

3

Veel Chinezen nemen ergens in de loop van hun leven een westerse naam aan. Dat kan zijn omdat ze veel met westerlingen omgaan en het makkelijker is om zich met ‘Jack’ aan te laten spreken dan met het voor niet-Chinezen onuitspreekbare ‘Junhui’, maar ook omdat het hip is om een westerse naam te hebben.

Vaak wordt er in deze gekozen voor een standaard Engelse naam die voor iedereen goed herkenbaar en gemakkelijk uitspreekbaar is, zoals John, David, Joy of Wendy. Ook wordt er vaak een naam gekozen die qua uitspraak dichtbij de Chinese naam ligt. Zo komt de Wuhannese tennisster Li Na heel goed weg met haar naam zowel in China als daarbuiten.

Maar het komt ook heel vaak voor dat iemand een bijzondere naam wil. Er lopen immers al genoeg Ivy’s en Tom’s op de wereld rond, ieder mens is uniek, en daarbij past een unieke naam. Nu gaat dit vaak goed, maar ook heel vaak niet. Lees verder

Beijing’s moslimbuurt

De grootste moslimgemeenschap van China vind je in het verre Xinjiang, maar de Islam is al zo lang in China aanwezig, dat er ook in de hoofdstad een aanzienlijke moslimgemeenschap woont. De meesten daarvan wonen in het westen van de stad, in het gebied rondom Niú Jiē (Ossenstraat). Dit is al eeuwenlang een moslimwijk, de buurt stond in de 17e eeuw al bekend om de goede kwaliteit halal vlees die er verkocht werd. Anno 2018 wonen er hier nog steeds zo’n tienduizend moslims, waardoor de wijk on-Chinees aanvoelt. Niú Jiē is daarom het bezoeken meer dan waard. Lees verder

Absurd politiek satire: Ma Jian’s China Dream

Ma Jian is, net zoals Yu Hua en Mo Yan, van de generatie schrijvers die is opgegroeid tijdens de Culturele Revolutie, en deze periode en haar weerslag op de huidige Chinese samenleving veelvuldig terug laat keren in zijn werk. Waar Mo Yan en Yu Hua in China wonen en daarom met (zelf-)censuur te maken hebben, woont Ma met zijn partner Flora Drew (die ook zijn werk vertaalt) en hun vier kinderen in Londen, en kan daarom ongecensureerd over zijn geboorteland schrijven.

Door Ma Jian’s directe kritiek op de Chinese overheid, zijn zijn boeken al bijna dertig jaar gecensureerd in China. Sinds 2011 heeft Ma, die een Brits paspoort heeft, zijn thuisland niet meer kunnen bezoeken omdat de Chinese autoriteiten hem een inreisvisum weigeren. Dat hij daarom niet alleen een politieke, maar ook een persoonlijke wrok koestert tegen het Chinese systeem, is niet verwonderlijk. Lees verder

Een update over de gedwongen verhuizing uit Shahe

1

Eerder schreef ik over de huisuitzetting waar Zhang Yang’s moeder in Shahe al lang op wacht. En hoe dit nu al jaren duurt, zonder uitzicht op een concrete datum. Inmiddels woont Zhang Yang’s moeder nog steeds in de courtyard in Shahe, en doen de wildste verhalen de ronde over waarom het allemaal zo lang duurt, en wat voor bestemming het dorp Xīnlìtún, waar de courtyard woning staat, wel niet zal krijgen. Lees verder